banier
lijntje lijntje
back
Bramenbladroller Notocelia uddmanniana

De bramenbladroller is gemakkelijk te herkennen aan zijn grijsbruine uiterlijk met de grote chocoladekleurige vlekken op beide vleugels die in elkaar overlopen. Een veel kleinere chocoladekleurig vlek vinden we in elk der vleugelspitsen. Van beide vleugelranden naar de grote vlek toe vinden we twee grijzige, variabele banen met wat zilverkleurige schubbetjes erin. De spanwijdte is 15 tot 20mm.

De larven zijn rozebruinig, met kleine donkere stippels en een zwarte kop. Ze spinnen de verse blaadjes van uitlopers van de braam samen. Net als de larven van veel andere bladrollers overwinteren de rupsjes, om daarna hun ontwikkeling te voltooien ten koste van de verse voorjaarsbladeren. Ze zijn iets schadelijk in de teelt van dauwbramen (de meest gekweekte bramensoort).

De bramenbladroller vliegt in één generaties van begin juni tot half augustus. Vliegt na zonsondergang en komt niet vaak op licht af. Is een gewone soort, vooral in Zeeland, de duinen, het rivierengebied en zuid-oost Friesland. Elders een lokale soort. Ook overigens in Europa een gewone, zij het soms lokale soort.

Deze soort wordt nog vaak aangeduid met de vroegere wetenschappelijke naam: Epiblema uddmanniana.